VW Typ 166 Schwimmwagen

Bij Volkswagen (Fallersleben) werd in 1941 eerst de Typ 128 Schwimmwagen gebouwd, maar dit model bleek te zwaar en te weinig robuust voor frontgebruik. Daarom ontwikkelde men een compactere opvolger: de Typ 166 Schwimmwagen, een eivormig voertuig met platte bodem, schuin oplopende zijkanten en een smallere vooras. De Typ 166 beschikte over vierwielaandrijving en was daarmee beduidend beter bestand tegen ruw terrein dan de motorfietsgespannen die hij deels moest vervangen. Bovendien kon de bemanning het voertuig als amfibie inzetten: met een hendel werd een schroef aan de achterzijde naar beneden geklapt, waarmee het zich op eigen kracht door het water kon voortbewegen. De aandrijving kwam van een luchtgekoelde viercilinder boxermotor, verwant aan die van de Kübelwagen, met een vermogen van circa 25 pk. Het voertuig bood plaats aan vier man en werd voornamelijk ingezet als commando- en verkenningsvoertuig. Tot 1944 werden ongeveer 15.600 exemplaren gebouwd, waarmee de Typ 166 het meest geproduceerde amfibievoertuig uit de Tweede Wereldoorlog werd.














